Private Equity Code Insights

De impact van de nieuwe meerwaardebelasting op de private privak

Geschreven door Matty Martens | May 13, 2026 8:01:59 AM

Beleggers en aspirant-beleggers in private privaks stellen zich de vraag of de nieuwe meerwaardebelasting ook hun rendement zal raken. Wij legden de vraag voor aan Erik Sansen en Bernd Tiebout, advocaat-fiscalisten bij Sansen International Tax Lawyers. Hieronder hun antwoord.

Update fiscaliteit:

Op 21 april werd de wet op de invoering van een meerwaardebelasting op financiële activa gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad. Voor particuliere beleggers in (beursgenoteerde) aandelen, ETF's en obligaties betekent dit een compleet nieuwe fiscale realiteit.

Maar ook particuliere beleggers in private-equityfondsen, en in het bijzonder in de private privak, ontsnappen niet aan de nieuwe meerwaardebelasting die meestal onder de vorm van een roerende voorheffing van 10% belasting zal worden ingehouden door de bank, tenzij de investeerder ervoor heeft geopteerd om zelf in te staan voor het betalen van de meerwaardebelasting.

Historisch kader: de fiscaliteit van de particuliere private privak-belegger tot eind 2025

De uitkering van winsten door een private privak aan haar investeerders gebeurt veelal via een zogeheten inkoop van eigen aandelen. Tot eind 2025 werd zo'n inkoop uitdrukkelijk van taxatie gevrijwaard, op voorwaarde dat die privak aan het specifieke regime in de vennootschapsbelasting was onderworpen.

Daarnaast voorziet artikel 106, §9 van het KB/WIB92 in een vrijstelling van roerende voorheffing voor de door de private privak uitgekeerde dividenden, in de mate dat die voortkomen uit door de privak gerealiseerde meerwaarden op aandelen.

Zonder beide bepalingen zouden dergelijke fondsen fiscaal benadeeld worden, vermits de gerealiseerde meerwaarden bij de wederuitkering door de private privak anders als dividenden zouden worden belast. De fiscaal gunstige regeling werd dus ingevoerd om een gelijk speelveld te creëren tussen rechtstreekse investeringen in private vennootschappen (waar meerwaarden destijds principieel onbelast bleven) en investeringen via fondsstructuren.

De nieuwe fiscale realiteit vanaf 2026

Met de invoering van de nieuwe meerwaardebelasting komt hieraan een einde. Voortaan wordt de winst die via inkoop van eigen aandelen aan de natuurlijke persoon-investeerder wordt uitgekeerd, fiscaal als meerwaarde gekwalificeerd en belast aan 10%. Die meerwaarde wordt bepaald als het verschil tussen het bedrag van de uitkering en het door de investeerder geïnvesteerde kapitaal. Elk jaar kan de investeerder wel gebruik maken van een (geïndexeerde) voetvrijstelling van €10.000.

Echter, het lijkt erop dat de hierboven in het KB/WIB omschreven uitzondering voor dividenden (vooralsnog) blijft bestaan.

Uit de gepubliceerde wettekst en de bijbehorende memorie van toelichting blijkt immers dat de wetgever niet aan deze specifieke vrijstelling heeft gesleuteld. Dit in tegenstelling tot de inkoop van eigen aandelen, die zoals gezegd wel onder de nieuwe meerwaardebelasting valt.

Daardoor ontstaat een asymmetrie: meerwaarden gerealiseerd op klassieke financiële activa door retailbeleggers vallen voortaan onder de nieuwe meerwaardebelasting, terwijl beleggers in private privaks, waar de meerwaarden gerealiseerd door de privak als vrijgesteld dividend kunnen worden uitgekeerd, gevrijwaard blijven. Hoewel er in de praktijk wel onduidelijkheid bestaat over de reikwijdte van deze bepaling (bijvoorbeeld afhankelijk van de onderliggende structuur van de private privak), blijft de vrijstelling van roerende voorheffing tot nader order dus van toepassing.

Deze asymmetrie sluit aan bij wat de wetgever lijkt te beogen: een vereenvoudiging van het reglementaire kader rond private privaks en ondersteuning van de private-equitysector, gezien de cruciale rol die deze sector vervult in het economisch bedrijfsweefsel.

Voor investeerders-vennootschappen verandert er niets. Zij blijven genieten van de DBI-vrijstelling bij uitkeringen door de private privak, ongeacht de omvang of het percentage van de participatie.

Voor particuliere beleggers blijft de situatie evenwel onderhevig aan interpretatie en mogelijke bijsturing. Samen met onze fiscale partner Sansen International Tax Lawyers volgen we de evoluties op de voet en koppelen we tijdig terug bij elke relevante wijziging.